T13_Jesolo_alt

Dag 2 van de Giro d’Italia brengt het peloton van provinciehoofdstad Arnhem naar de andere kant van rivier de Waal. Daar wacht een koninklijke massasprint op de Oranjesingel in Nijmegen. Mogelijk dat dit uitmondt in een Duits onderonsje. Marcel Kittel en André Greipel beschikken immers over de snelste sprintersbenen. Wel klopt Caleb Ewan nadrukkelijk op de deur en staat ook Arnaud Démare, winnaar van Milano-Sanremo, op de startlijst.

Hemelsbreed liggen start en finish zo’n 25 kilometer uit elkaar. Toch moeten de renners een afstand afleggen die bijna acht keer zo lang is. Vanuit Arnhem gaat de route via een lus langs onder meer Ede, Rhenen, Tiel en Wijchen naar de finish in Nijmegen. Onderweg ligt slechts één obstakel dat meetelt voor het bergklassement: Berg en Dal. Met 1,1 kilometer aan gemiddeld 6,5 procent zal zelfs een anti-klimmer als Matteo Pelucchi zich geen zorgen maken. En indien er gelost wordt rest er nog 35 kilometer om terug te keren.

LaatstekmsEtappe2 (1)

Een groot deel hiervan speelt zich af in de finishplaats. Op ruim 27 kilometer wordt Nijmegen binnengereden en de etappe wordt afgesloten met een lokale ronde (8,6 km) die twee keer verreden moet worden. De ploegen krijgen dus de gelegenheid om in koers de finale te verkennen. Deze lijkt perfect geschikt voor een massasprint: er zijn brede rechte wegen met slechts enkele rotondes als hindernissen. Wel komt de finishboog pas op 350 meter in zicht doordat er in de slotkilometer een doordraaiende bocht zit. Welk team de sprinttrein het best op de rails heeft staan komen we te weten tussen 16.59 en 17.25 uur.

 

T13_Jesolo_plan